Agenda 2019

ma di wo do vr za zo
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31

NAAM, ZETEL EN DUUR
Artikel 1
1. De stichting draagt de naam: STICHTING DORPSRAAD GLANERBRUG.
2. Zij heeft haar zetel in GLANERBRUG, GEMEENTE ENSCHEDE.

DOEL
Artikel 2
1. De stichting heeft ten doel:
a. Het ontwikkelen en stimuleren van en deelname aan activiteiten die er op gericht zijn of tot gevolg hebben de ruimtelijke ordening, de leefbaarheid, het woonklimaat en het welzijn in en rond Enschede in het algemeen en in het dorp Glanerbrug in het bijzonder, te bevorderen.
b. Het initiëren, stimuleren en coördineren van activiteiten, die gericht zijn op het bevorderen van samenwerkingsmogelijkheden tussen burgers, zowel individueel als in groepsverband, en het samenwerken met organisaties, die een zelfde doel nastreven.
en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.
2. De stichting beoogt niet het maken van winst.

GELDMIDDELEN
Artikel 3
1. De financiën van de stichting komen voort uit:
a. de resultaten van de werkzaamheden van de stichting;
b. hetgeen wordt verkregen uit subsidies, schenkingen, legaten, erfstellingen en vaste donaties en bijdragen;
c. alle andere verkrijgingen en baten.
2. Erfstellingen mogen slechts aanvaard worden onder het voorrecht van boedelbeschrijving.

BESTUUR
Artikel 4
1. De Dorpsraad kent:
a. het dorpsraadbestuur en
b. het dagelijks bestuur.
Het dorpsraadbestuur kan zich laten bijstaan door adviseurs voor een door het dorpsraadbestuur vast te stellen periode.
2. Het dorpsraadbestuur bestaat uit een oneven aantal van tenminste zeven personen.
Het aantal leden wordt door het dorpsraadbestuur vastgesteld. Het besluit daartoe moet worden genomen met een meerderheid van tenminste drie/vierde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin alle leden van het dorpsraadbestuur (de dorpsraadleden) aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
3. De dorpsraadleden worden door het dorpsraadbestuur benoemd en hebben zitting voor een periode van vier jaar.
4. Het dorpsraadbestuur is verplicht bij haar benoeming van personen tot dorpsraadslid te streven naar een dorpsraadsamenstelling die zoveel mogelijk een afspiegeling vormt van de bevolking in Glanerbrug. De bevolking van het dorp Glanerbrug (waarvan de grenzen worden vastgesteld als hierna in lid 6 is omschreven) heeft een adviesrecht omtrent de te benoemen dorpsraadleden en het recht een dorpsraadlid voor te dragen.
Dit adviesrecht en het recht tot voordracht dient nader te worden uitgewerkt bij huishoudelijk reglement.
Voorts dient het dorpsraadbestuur bij de benoeming en de vaststelling van het aantal dorpsraadleden, de toepasselijke gemeentelijke verordeningen en/of (uitvoerings-)richtlijnen in acht te nemen.
5 Het dorpsraadbestuur (met uitzondering van het eerste dorpsraadbestuur, waarvan de leden in functie worden benoemd) kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. Deze functionarissen vormen tezamen het dagelijks bestuur.
6 Leden van het dorpsraadbestuur kunnen zijn:
meerderjarige natuurlijke personen dien hun woonplaats hebben binnen de grenzen van het dorp Glanerbrug of anderszins sociaal en/of economisch aan het dorp Glanerbrug zijn verbonden. De grenzen van het dorp Glanerbrug en de toe te passen sociale en economische criteria zullen bij huishoudelijk reglement worden vastgesteld.
7. Het dorpsraadbestuur stelt een rooster van aftreden op.
Aftredende dorpsraadleden zijn terstond herbenoembaar.
Ingeval van een tussentijdse vacature bekleedt het nieuw benoemde dorpsraadlid zijn functie tot het einde van de termijn, waarvoor degene in wiens plaats hij treedt, was benoemd.
8. Bij het ontstaan van een (of meer) vacature(s) in het dorpsraadbestuur, zullen de overblijvende dorpsraadleden met algemene stemmen (of zal het enige overblijvende dorpsraadlid) binnen zes maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van een (of meer) opvolger(s).
9. Mocht(en) in het dorpsraadbestuur om welke reden ook één of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende dorpsraadleden of vormt het enige overblijvende dorpsraadlid niettemin een wettig dorpsraadbestuur.
10. De leden van het dorpsraadbestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden.
Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten.
11. Personen, die in een arbeidsverhouding tot de stichting staan, kunnen geen deel uitmaken van het dorpsraadbestuur.

BESTUURSVERGADERINGEN EN BESTUURSBESLUITEN
Artikel 5
1. Ieder jaar worden tenminste vijf vergaderingen gehouden.
2. Dorpsraadbestuursvergaderingen zullen voorts telkens worden gehouden, wanneer het dagelijks bestuur of een meerderheid van de in functie zijnde dorpsraadbestuursleden dit nodig achten en daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt.
Indien de voorzitter aan het verzoek geen vervolg geeft, waardoor de vergadering niet kan worden gehouden binnen drie weken na het verzoek, zijn de verzoekers bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten.
Vergaderingen van het dagelijks bestuur zullen voorts telkens worden gehouden, wanneer de voorzitter of een ander lid van het dagelijks bestuur dit wenselijk acht.
3. De oproeping tot de vergadering geschiedt - behoudens het in lid 2 bepaalde - door de voorzitter, tenminste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door middel van oproepingsbrieven.
4. De oproepingsbrieven vermelden, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.
5. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter, bij diens afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan.
6. Van het verhandelde in de vergaderingen worden notulen gemaakt door de secretaris of door één der andere aanwezigen, door de voorzitter daartoe aangezocht. De notulen worden vastgelegd en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en secretaris hebben gefungeerd.
7. Het dorpsraadbestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is.
Een dorpsraadlid kan zich ter vergadering door een mededorpsraadlid laten vertegenwoordigen onder overlegging van een schriftelijke, volmacht, die naar het oordeel van de voorzitter toereikend is. Een dorpsraadlid kan daarbij slechts voor één mededorpsraadlid als gevolmachtigde optreden.
8. Zolang in een dorpsraadbestuursvergadering alle in functie zijnde dorpsraadleden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
9. Het dorpsraadbestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle dorpsraadleden zich schriftelijk voor het voorstel hebben uitgesproken. Deze schriftelijke stukken worden bij de notulen bewaard.
10. Ieder dorpsraadlid heeft het recht tot het uitbrengen van één stem.
Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven, worden alle dorpsraadbestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
11. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden dit vóór de stemming verlangt of het een stemming over personen betreft. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
12. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
13. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming plaats.
Heeft dan weer niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats totdat hetzij één persoon de meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.
Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij de voorafgaande stemming het minste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij de voorafgaande stemming het minste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
14. Bij stakingen van stemmen over zaken wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
15. In alle geschillen omtrent stemmingen, niet bij de statuten voorzien, beslist de voorzitter.

BESTUURSBEVOEGDHEID
Artikel 6
1. Het dorpsraadbestuur is belast met het besturen van de stichting.
2. Het dorpsraadbestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen.
3. Het dorpsraadbestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.
Een dergelijk besluit behoeft een meerderheid van tenminste drie/vierde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin alle dorpsraadleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
4. Het dagelijks bestuur voert de besluiten van het dorpsraadbestuur uit en is overigens bevoegd tot alle handelingen binnen de werkkring van de dorpsraad voor zover bij deze statuten niet anders is bepaald. Het dagelijks bestuur bereidt de besluiten van het dorpsraadbestuur voor.
5. Het dagelijks bestuur heeft de voorafgaande goedkeuring nodig van het dorpsraadbestuur voor:
a. het aanvaarden van subsidies, erfstellingen, legaten of schenkingen, indien daaraan voorwaarden of lasten zijn verbonden of als het object erven registergoederen betreft, alsmede voor het verwerpen van subsidies, erfstellingen, legaten of schenkingen;
b. het uitbrengen van adviezen en innemen van standpunten;
c. het voeren van en berusten in rechtsgedingen, behoudens in spoedeisende gevallen.
6. Van de goedkeuring als in het vorige lid bedoeld, blijkt uit een door de voorzitter en secretaris getekend uittreksel uit de notulen van de betreffende vergadering.
7. Het dorpsraad bestuur is bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen vervreemden en bezwaren van registergoederen.

VERTEGENWOORDIGING
Artikel 7
1. Het dorpsraadbestuur vertegenwoordigt de stichting, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit.
2. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging komt bovendien toe aan de voorzitter en/of de secretaris, zulks met dien verstande zij niet vertegenwoordigingsbevoegd zijn met betrekking tot handelingen als bedoeld in het laatste lid van het vorige artikel.
3. Het dorpsraadbestuur kan volmacht verlenen aan één of meer dorpsraadleden, alsook aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.
4. De secretaris is bevoegd tot het ondertekenen van alle uitgaande correspondentie niet tevens zijnde een rechtshandeling als bedoeld in het laatste lid van het vorige artikel.

EINDE DORPSRAADLIDMAATSCHAP
Artikel 8
Het dorpsraadlidmaatschap eindigt:
a. door periodieke aftreding;
b. door schriftelijk te bedanken;
c. doordat een dorpsraadlid niet meer voldoet aan de grenzen/criteria als hiervoor *(bedoelt in) artikel 4 lid 5 van deze statuten; *= “bedoeld” wijz ggh
d. door het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;
e. door overlijden;
f. door een besluit van alle andere dorpsraadleden in een speciaal daartoe belegde vergadering, waarin tenminste twee/derde van het aantal in functie zijnde dorpsraadbestuursleden vertegenwoordigd is, met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, die van het betrokken dorpsraadlid daaronder niet begrepen. Een dergelijk besluit moet zijn gebaseerd op de opinie van de hiervoor bedoelde meerderheid dat het betreffende dorpsraadlid naar hun oordeel niet meer geschikt of in staat is om zijn dorpsraadlidmaatschap behoorlijk waar te nemen of handelt in strijd met deze statuten, de wet en/of het belang van de dorpsraad;
g. door ontslag op grond van artikel 2:298 van het Burgerlijk Wetboek.
Beëindiging van het lidmaatschap van het dorpsraadbestuur behelst tevens beëindiging van het lidmaatschap van het dagelijks bestuur.

BOEKJAAR EN JAARSTUKKEN
Artikel 9
1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
2. Het dagelijks bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. Zij dient daarbij de gemeentelijke verordeningen en/of (uitvoerings-)richtlijnen in acht te nemen.
3. Per het einde van ieder boekjaar worden de boeken van de stichting afgesloten. Daaruit worden door de penningmeester, namens het dagelijks bestuur, een balans en een staat van baten en lasten over het geëindigde boekjaar opgemaakt, welke jaarstukken binnen zes maanden na afloop van het boekjaar aan het dorpsraadbestuur worden aangeboden.
4. Het dorpsraadbestuur benoemt jaarlijks uit haar midden de leden van een commissie van tenminste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur heeft evenmin een stemrecht terzake van de benoeming van deze commissieleden. De benoeming vindt telkens plaats in de vergadering waarin het dagelijks bestuur rekening en verantwoording aflegt over het afgelopen boekjaar en geldt voor het onderzoek van de rekening en verantwoording over het nieuwe boekjaar.
De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van de het dagelijks bestuur en brengt aan het dorpsraadbestuur verslag van haar bevindingen uit.
5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie van onderzoek zich door een deskundige doen bijstaan.
Het dagelijks bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
6. De last van de commissie kan te allen tijde door degenen die haar leden hebben benoemd worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere commissie op de wijze als onder andere hiervoor in lid 4 bedoeld.
7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3, tien jaar lang te bewaren.
8. De jaarstukken worden door het dorpsraadbestuur vastgesteld, welke vaststelling strekt tot kwijting en décharge van het dagelijks bestuur.
9. Elk jaar, niet later dan twee maanden voor aanvang van het nieuwe boekjaar, stelt het dagelijks bestuur een begroting voor het komende jaar op en legt deze ter goedkeuring voor aan het dorpsraadbestuur.
10. Elke (rechts-)persoon die een financiële bijdrage ontvangt van de dorpsraad is gehouden een duidelijke administratie te voeren waaruit de inkomsten en uitgaven blijken. Het dagelijks bestuur kan besluiten dat in verband met een eventueel door het dagelijks bestuur gevraagde verantwoording omtrent de besteding van de bijdrage, dit vereiste uitsluitend ziet op het doel waarvoor de dorpsraadbijdrage wordt aangewend.

REGLEMENT
Artikel 10
1. Het dorpsraadbestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, welke niet in deze statuten zijn vervat.
2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
3. Het dorpsraadbestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of op te heffen.
4. De vaststelling, wijziging en opheffing van het reglement geschieden bij gewone meerderheid van stemmen.

COMMISSIES
Artikel 11
1. Het dorpsraadbestuur kan ter uitvoering van bepaalde taken zowel vaste als tijdelijke commissies instellen.
2. Het werkterrein van de vaste commissies dient bij huishoudelijk reglement nauwkeurig omschreven te zijn.
3. Het werkterrein van de tijdelijke commissies dient bij besluit van het dorpsraadbestuur nauwkeurig te worden vastgelegd.
4. Het dorpsraadbestuur benoemt de leden van de vaste commissies.
5. Het dorpsraadbestuur benoemt, schorst en ontslaat leden van de tijdelijke commissies.
6. Het dorpsraadbestuur kan de bevoegdheden, genoemd in lid 1, 2 of 3 delegeren aan het dagelijks bestuur.
7. Het dorpsraadbestuur kan commissies instellen in de zin van beheerscommissies voor accommodaties.
8. Leden van het dorpsraadbestuur kunnen lid zijn van de commissies met dien verstande dat een meerderheid van de commissieleden dient te bestaan uit leden die niet lid zijn van het dagelijks bestuur.
9. Het instellingsbesluit van commissies vermeldt de samenstelling, de taakomschrijving en de werkwijze.
10. Commissies zijn verantwoording verschuldigd aan het dorpsraadbestuur.

STATUTENWIJZIGING
Artikel 12
1. Het dorpsraadbestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen.
Het besluit daartoe moet worden genomen met een meerderheid van tenminste drie/vierde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin alle dorpsraadleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
2. Zijn niet alle dorpsraadleden aanwezig of vertegenwoordigd, dan wordt binnen vier weken, doch niet binnen twee weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten mits met een meerderheid van tenminste drie/vierde van de geldig uitgebrachte stemmen.
3. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen.
4. De leden van het dorpsraadbestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging, alsmede de gewijzigde statuten neer te leggen bij het daarvoor bestemde Openbaar Register, gehouden door de Kamer van Koophandel en Fabrieken.

ONTBINDING EN VEREFFENING
Artikel 13
1. Het dorpsraadbestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 12 leden 1 en 2 van toepassing.
2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is.
3. Voor zover de rechter geen andere vereffenaars heeft benoemd, treden ter vereffening van het vermogen van de ontbonden stichting de dorpsraadleden als zodanig op.
Op hen zijn de bepalingen omtrent de benoeming, de schorsing, het ontslag van en het toezicht op dorpsraadleden van toepassing.
4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding van de stichting inschrijving geschiedt in het register, bedoeld in artikel 12 lid 4.
5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht.
6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt zoveel mogelijk besteed overeenkomstig het doel van de stichting.
7. Na afloop van de vereffening moeten de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende tien jaar worden bewaard door de jongste vereffenaar.

SLOTBEPALING
Artikel 14
In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het dorpsraadbestuur.